Stedelijke Agenda BrabantStad 2018-2022: thema slimme en duurzame mobiliteit

De Stedelijke Agenda BrabantStad geeft inhoudelijk richting aan de inspanningen van BrabantStad voor de komende vier jaar om tot de top van Europese kennis- en innovatieregio’s te blijven behoren. De Stedelijke Agenda is - na de vaststelling in februari 2018 - een open uitnodiging aan andere overheden, het bedrijfsleven, kennis- en onderwijsinstellingen en maatschappelijke partners om met BrabantStad samen te werken aan de realisatie van vijf maatschappelijke thema’s. Eén van die thema’s is slimme en duurzame mobiliteit. De BrabantStad-partners stellen daartoe een Adaptieve Agenda Slimme en Duurzame Mobiliteit 2018-2022 op met een eerste inventarisatie van potentiele mobiliteitsmaatregelen die we de komende jaren willen gaan realiseren.

De urgentie om de stedelijke regio Brabant bereikbaar te houden is groot. Het OV en het bestaande wegennet raken aan de grenzen van hun capaciteit. De grote hoeveelheid goederenvervoer door Brabant leidt ook tot knelpunten. Niet alleen de bereikbaarheid staat onder druk, maar ook wordt het leefklimaat in de binnensteden bedreigd. De toename van de mobiliteit vraagt om slimme oplossingen. BrabantStad focust zich daarom in de Stedelijke Agenda op de ontwikkeling van (innovatieve) oplossingen om de stadsregionale en interregionale bereikbaarheid te verbeteren. Op vier terreinen wil BrabantStad concrete vooruitgang boeken:

  1. Intelligente Transportsystemen (ITS)
  2. Toekomstbestendig openbaar vervoer
  3. Snelle fietsverbindingen
  4. Stedelijke logistiek

Naast deze vier terreinen wordt de werkgeversaanpak door middel van het vormen van communities op economische toplocaties gecontinueerd.

De in voorbereiding zijnde Adaptieve Agenda wordt uitgewerkt in een Uitvoeringsprogramma 2018 en een Voorraadagenda 2018-2022. Het Uitvoeringsprogramma 2018 bevat maatregelen waarover eerder al financiële afspraken zijn gemaakt en waarvan de uitvoering in 2018 plaatsvindt (of gaat starten). De Voorraadagenda wordt jaarlijks geüpdatet en omgezet in een jaarlijks Uitvoeringsagenda (2019, 2020 en verder). In het BO MIRT 2017 is met het rijk afgesproken om in mei 2018 vervolgafspraken te maken over de gezamenlijke financiering van een volgend pakket aan slimme en duurzame mobiliteitsmaatregelen in Brabant. Daarnaast worden de mogelijkheden verkend van cofinanciering door de EU van onderdelen van de Voorraadagenda binnen verschillende Europese subsidiefondsen. 

Stedelijke Agenda BBS

 

BrabantStad in de lead op New Mobility Services initiatief in Europa

Op 11 en 12 oktober 2017 vervulde BrabantStad op meerdere fronten een prominente rol in de European Innovation Partnership on Smart Cities and Communities. (EIP SCC). Zo’n EIP is een relatief nieuw concept van de Europese Commissie om samen met duizenden stakeholders in Europa te werken aan maatschappelijke transities zoals in Smart Cities. 

Vanwege de grote ambities en concrete acties van Brabant op het gebied van slimme en groene mobiliteit heeft het directoraat DG MOVE van de Europese Commissie aan Brabant gevraagd nieuw leven in te blazen en leiding te geven aan het zogenaamde New Mobility Services Initiatief dat onderdeel is van het Action Cluster Sustainable Urban Mobility. Dat is een prestigieuze kans voor Brabant die perfect aansluit bij de strategie en ambities om te komen tot opschaling van automated, connected, electric & shared mobility.

BrabantStad in de lead foto 3

Europees Commissaris van Transport Violeta Bulc met vurig pleidooi aan smart cities te werken aan transitie naar elektrisch, zelfrijdend en shared transport


Programma's als SmartwayZ.nl, MobilitymoveZ.nl en de ambities op het gebied van OV vernieuwing, Mobility as a Service, elektrisch vervoer, fietsinnovaties en smart logistics dragen allemaal bij aan een leefbaar, schoon, welvarend BrabantStad waarin het makkelijk is van a naar b te komen. De moonshot in Brabant en Europa bestaat uit het realiseren van nieuwe mobiliteitsdiensten in onze steden gebruik makend van nieuwe technologie zoals zelfrijdende, elektrische en gedeelde voertuigen en diensten.

BrabantStad in de lead foto 2

Burgemeester John Jorritsma van Eindhoven deelnemer aan Europees panel namens BrabantStad

 

Tijdens de General Assembly van deze EIP SCC mocht burgemeester John Jorritsma namens BrabantStad in het panel zitten over nieuwe mobiliteit met onder meer Europees Commissaris Violeta Bulc van Transport. Met enthousiasme en veel voorbeelden uit de praktijk wist Jorritsma over het voetlicht te brengen hoe in Brabant al concreet gewerkt wordt aan het realiseren van andere, betere, slimmere en schonere mobiliteit. En belangrijker nog hoe er gewerkt wordt aan learning by doing op tal van terreinen zoals met elektrische bussen en het vormgeven van het real life test bed tussen Helmond, Eindhoven en Tilburg.

Op andere momenten tijdens de General Assembly vonden ambtelijke presentaties en sessies plaats om met Europese experts en stakeholders te sparren over de inhoudelijke afbakening van het New Mobility Services dat Brabant gaat trekken. Komende jaren wordt dit verder vormgegeven. Hierbij wordt met vele tientallen stakeholders uit industrie, research, smart cities, Europese Commissie en eindgebruikers gewerkt aan de daadwerkelijke uitrol van nieuwe mobiliteitsdiensten in een stedelijke context. Van theorie naar praktijk in een proces van learning by doing.

BrabantStad in de lead foto 4

Panel met breed scala aan stakeholders in opgave duurzame stedelijke mobiliteit

 

Voor meer informatie: Edwin Mermans, Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. .

Onderzoek naar verbetering van de IJssellijn

De IJssellijn biedt interessante kansen voor verbetering voor de reiziger en exploitant. Maar het netwerk blijft complex. Dat is de conclusie van het onderzoek dat de provincies Gelderland, Overijssel en Noord-Brabant hebben laten doen naar de opwaardering van de IJssellijn, de treinverbinding Zwolle – Nijmegen – Roosendaal. Het onderzoek is uitgevoerd door de bureaus Ecorys en Movares. Gekeken is naar de mogelijkheden voor nieuwe stations, om meer treinen in te zetten en het oplossen van infrastructurele problemen. Deze laatste betreffen de enkelspoors brug bij Ravenstein, de kruising Velperbroek bij Arnhem en het enkelspoor tussen Deventer en Olst. Het onderzoek levert een verkenning van de kosten en baten voor de verbetering van de lijn en de drie belangrijkste infrastructurele problemen.

In haar signaalfunctie is het onderzoek geslaagd. Voor Brabant komen er interessante uitkomsten uit het onderzoek die nadere studie rechtvaardigen: een nieuw station Berkel Enschot en de verdubbeling van de spoorbrug Ravenstein.

In een vervolgonderzoek moet ook de complexe haalbaarheid van versnelling binnen het hele net worden bepaald: kunnen we tijdwinst op een deel van het traject ook effectief maken voor de reiziger, en past een nieuw station binnen de complexe samenhang en de beperkte capaciteit op het spoor? De resultaten van het onderzoek zijn bij de staatssecretaris neergelegd en wachten nu op een antwoord.

 

Spoorbrug over de Maas bij Ravenstein

Het Brabant mobiliteitsnetwerk: samenwerking de sleutel tot succes

De werkgeversaanpak van het Brabant mobiliteitsnetwerk (bmn) brengt partijen op verschillende locaties samen in communities om te zoeken naar kansen voor een betere bereikbaarheid. Op dit moment zijn 13 communities actief verspreid over de 5 grote steden in Brabant. 

In de communities werken bedrijven en overheid samen aan concrete maatregelen die oplossingen bieden voor regionale en lokale mobiliteitsvraagstukken. Het bmn lost zelf geen mobiliteitsproblemen op, maar faciliteert samenwerking tussen betrokken partijen. Het zijn de leden van de communities die oplossingen bedenken en maatregelen daadwerkelijk realiseren.

Concrete resultaten
De samenwerkingen in de communities werpt zijn vruchten af. Bedrijven en instellingen werken samen aan mobiliteitsoplossingen en nemen zelfstandig maatregelen. Voorbeelden van gezamenlijke acties op de locatie zijn het beschikbaar maken van elektrische deelauto’s en -fietsen, een app om autoritten met elkaar te delen, fietsvoorzieningen verbeteren, oplaadinfra uitbreiden, probeeracties met het OV en de E-bike (proeftuinen). Maar ook een aanvullende buslijn naar de locatie of samen betaald parkeren invoeren. Veelal wordt er gezamenlijk campagne gevoerd om het mobiliteitsgedrag van werknemers te beïnvloeden. Werkgevers nemen daarnaast in hun eigen organisatie tal van maatregelen. Dit start vaak met het herzien van het eigen mobiliteitsbeleid; anders omgaan met de reiskostenvergoedingen, parkeerrechten en het aanbieden van meer flexibele faciliteiten om te reizen. Denk daarbij aan mobiliteitskaarten die tal van modaliteiten voor werknemers ontsluiten.

BMN foto 2

Voorbeeld van een gezamenlijke actie op locatie is probeeractie met E-bike

Samenwerking
Naast het nemen van concrete actie en maatregelen leidt het werken in communities ook tot mooie verbindingen en samenwerking. Een voorbeeld hiervan is de community ‘Veldhoven De Run’ waar organisaties samenwerken aan het oplossen van de knelpunten en het realiseren van de mobiliteitsdoelstellingen op de langere termijn.

BMN foto 3

bmn community ‘Veldhoven De Run’

In totaal hebben alle betrokken werkgevers in de afgelopen 3 jaar ruim 400 maatregelen genomen. In deze kaart lees je meer over de aanpak van het bmn en zie je welke maatregelen er in de verschillende communities al zijn opgezet en welke bedrijven deelnemen in de communities.

BMN foto 4

Betrokkenen over het bmn
Lucas van Grinsven, Head of Communications ASML: “We kunnen pas echt stappen maken wanneer overheden besluitvaardig en daadkrachtig met bedrijven samen het mobiliteitssysteem zo inrichten, dat dit gewenst mobiliteitsgedrag mogelijk maakt. Vandaar dat we aan een pro-actieve samenwerking tussen bedrijfsleven en overheden grote waarde toekennen."

Wethouder Mario Jacobs
, gemeente Tilburg: “De kunst is natuurlijk dat het eigen belang uiteindelijk wordt omgezet naar meer synergie en dat het inzicht ontstaat in de winst die de leden bij elkaar kunnen behalen. Je hebt de anderen nodig om tot oplossingen te komen en op het moment dat dat besef ontstaat, begint de community te werken. Als je doorhebt dat je de anderen nodig hebt om tot een oplossing te komen, stijg je boven je eigen belang uit."

Mobiliteitsregisseur Tim Wille
: “Vanuit een duidelijke visie en besef van urgentie is de betrokkenheid groot. Meedoen en meedenken gaan gepaard met ook concrete investeringen. De betrokken organisaties werken samen waar dat nodig en meerwaarde oplevert en nemen verantwoordelijkheid met doelgerichte acties in de eigen organisatie waar dat al direct kansrijk is. Ook daarover vindt goede afstemming plaats.”

Uitkomsten van het BO-MIRT landsdeel Zuid: gezamenlijk voorbereiden op de toekomst van de mobiliteit

Met het aanbieden van twee symbolische boardingpasses aan minister Van Nieuwenhuizen en staatssecretaris Van Veldhoven gaf Christophe van der Maat tijdens het BO-MIRT landsdeel Zuid (Noord-Brabant en Limburg) overleg op 6 december 2017 een kickstart aan de samenwerking tussen onze regio Brabant en het rijk. De bewindspersonen werden hiermee uitgenodigd samen te werken om gezamenlijke ambities waar te maken.

Het rijk en de provincie hebben concrete afspraken gemaakt over de aanpak infrastructurele knelpunten in Noord-Brabant. Zo start het rijk het proces voor de verbreding van de A58 tussen Breda en Tilburg naar 2x3 rijstroken. Voor de A2 tussen Deil en ’s-Hertogenbosch is afgesproken een pakket aan quick wins te gaan realiseren en daarnaast een MIRT-verkenning te starten naar een verbreding van de A2 als oplossing voor de lange termijn. Om de bereikbaarheid van de regio Eindhoven te verbeteren hebben het rijk en de regio afgesproken om het bestaande station Eindhoven Centraal om te vormen tot een internationaal knooppunt. In totaal investeren rijk en regio ruim € 550 miljoen in het bereikbaar houden van Zuid-Nederland.

Christophe van der Maat sprak zijn vertrouwen uit in de samenwerking tussen het rijk en Brabant. Het is van groot belang voor Nederland en het versterken van onze internationale positie dat Brabant bereikbaar blijft en we samen de schouders zetten onder een concurrerend vestigingsklimaat in Zuid-Nederland. Daarom moeten we op tempo investeren in het aanpakken van knelpunten en ons gezamenlijk gereed maken voor ‘de toekomst van de mobiliteit’. We zien in het regeerakkoord ‘Vertrouwen in de Toekomst’ duidelijk overeenkomstige ambities met onze inzet in Brabant op onder andere de toepassing van Smart Mobility en fiets. We hebben, ook met het nieuwe kabinet, een gedeelde ambitie waarbij we concrete knelpunten aanpakken en ons gezamenlijk voorbereiden op onder meer de toekomst van de mobiliteit.

· Het persbericht van de provincie Noord-Brabant over de uitkomsten van het BO MIRT Zuid 
· Een overzichtskaart met gemaakte afspraken in BO MIRT Zuid

A2 1

The Times that are Changin'

Een Brussels museum vol met skeletten van vele tientallen miljoenen jaren geleden gestorven dinosaurussen was op 11 oktober 2017 de setting voor een workshop over de toekomst van mobiliteit. Om de boodschap 'change or die' optimaal over het voetlicht te brengen waar het gaat om de transitie naar slimme en duurzame mobiliteit.

Tijdens de Europese Week van Regio's en Steden hebben BrabantStad partners een enerverend event neergezet waarin een vijftal slimme en groene mobiliteitsoplossingen de revue passeerden.

De aftrap vond plaats door een vraaggesprek van moderator Thijs van Son met burgemeester Paul Depla van Breda. Hij gaf aan dat er radicale transformatie gaande is in hoe we ons gaan verplaatsen van a naar b. Dat elektrisch, autonoom rijden en shared mobility de richting is waarin we bewegen. Dat we als overheden daar een actieve rol in moeten nemen door het faciliteren en op gang brengen van het 'learning by doing' en daarbij het publieke belang en de eindgebruiker centraal moeten stellen.

Vijf experts gaven vervolgens een pitch van vijf minuten over onderwerpen als slimme fietsinnovaties, mobiliteit als een dienst, grootschalige invoer van elektrische bussen, sociale innovatie als middel voor effectiever goederenvervoer en MobilitymoveZ.nl om te komen tot een real life test bed voor verbonden en zelfrijdende auto's. Iedere pitch werd afgesloten met prikkelende stellingen of vragen waar de deelnemers in tafels van tien een minuut of zeven over konden sparren.

The Times foto 2

Actieve deelnemers die discussiëren aan de hand van vragen of stellingen van pitchende experts

The Times foto 3

Burgemeester Paul Depla van Breda zowel keynote speaker namens BrabantStad als actieve deelnemer tafelsessies


Het was lastig om de tafeldiscussies iedere keer op tijd te stoppen vanwege de passie en enthousiasme waarmee werd gediscussieerd. Iedere ronde van debatten leverde tal van nieuwe inzichten en invalshoeken op. De veiligheid van met name oudere gebruikers van elektrische fietsen was een issue. Er werd aandacht gevraagd voor toegankelijkheid van Mobility as a Service (Maas) oplossingen voor mensen zonder smartphones. De meningen blijken verdeeld over de vraag of privaat transport in de toekomst zal blijven bestaan. Een pleidooi voor 'nudging techniek' om gedrag van mensen aan te passen richting andere vervoermiddelen dan auto. De constateringen dat de verzekeringsmaatschappijen moeten meebewegen in deze veranderende context van autonoom rijden en MaaS. Een pleidooi om als overheid beter om te gaan met data want die zijn geld waard. Data en inkomsten daaruit moeten publiek blijven.

Een rode lijn in veel van de discussies is ook dat we veel moeten leren. Dat learning by doing het devies is omdat de complexiteit en dynamiek van de uitdagingen waarvoor we staan groot is. Dat we uit onze comfort zones moeten komen en creatief zullen moeten zijn want we komen er niet als we blijven doen wat we altijd deden. 

The Times foto 4
CdK Wim van de Donk met aandacht voor het altijd inspirerende verhaal van Henriette van Eijl van DG MOVE van de Europese Commissie

 

Voor meer informatie: Edwin Mermans,  Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. .