Oproep aan kabinet: Brabant niet op de rem

AutosOndanks de inzet om knelpunten in de infrastructuur op te lossen komt de bereikbaarheid van Brabant de komende decennia steeds meer onder druk te staan. Brabant krijgt een flink deel van de groeiende filedruk voor haar kiezen en zonder maatregelen nemen files verder toe, zitten treinen overvol en krijgt beroepsvaart te maken met lange wachttijden.

Dat is de conclusie die bestuurders in Brabant trekken uit de Nationale Markt- en Capaciteitsanalyse (NMCA) van het ministerie van Infrastructuur & Milieu die 1 mei 2017 is gepresenteerd. Uitbreiding van de A2 tussen Deil en Vught en de A58 tussen Tilburg en Breda, verbetering van de spoorverbindingen Eindhoven - Helmond en Breda - Rotterdam en een concreet programma voor de stedelijke bereikbaarheid zijn voor Brabant noodzakelijk. Aan het einde van elke kabinetsperiode stelt het ministerie van I&M de Nationale Markt- en Capaciteitsanalyse op: een analyse van knelpunten die de komende decennia te verwachten zijn op de rijks- en spoorwegen. Die analyse helpt een nieuw kabinet bij het maken van keuzes welke knelpunten in de infrastructuur prioriteit krijgen.

 

Erkenning
De uitkomsten van de toekomstanalyse van het Rijk zijn voor de Brabantse bestuurders een erkenning dat de bereikbaarheid van Brabant de komende decennia stevig onder druk blijft staat. Naast de Randstad, kleuren ook Brabantse trajecten felrood als knelpunt. Als maatregelen uitblijven, lopen belangrijke routes verder vast, nemen incidenten toe en wordt de onbetrouwbaarheid van de reistijden groter. Gedeputeerde Christophe van der Maat namens de provincie en de grote Brabantse steden: “De A2 van ’s-Hertogenbosch naar Utrecht staat volgens de analyse in 2030 op nummer 1 in de file top 50 van heel Nederland. Zo’n belangrijke verbinding als de A2 mag niet verstopt raken. Voor ons is de prioriteit voor een nieuw kabinet duidelijk: zet deze economisch belangrijke regio niet op de rem en pak deze knelpunten met snelheid aan.”

 

Hoogste prioriteiten
De Brabantse bestuurders realiseren zich dat ook andere regio’s als de Randstad zonder ingrijpen praktisch onbereikbaar worden. “Niet alle knelpunten in Brabant zullen bovenaan het prioriteitenlijstje van de nieuwe bewindslieden staan. Maar de focus mag niet enkel op de Randstad liggen. Daarmee doe je Brabant echt te kort. Voor de belangrijkste Brabantse knelpunten willen we met de nieuwe minister en de staatssecretaris afspraken maken om benodigde onderzoeken snel te starten en financiële middelen te reserveren,” aldus Van der Maat. De knelpunten die volgens de Brabantse bestuurders met hoge prioriteit om een aanpak vragen:

  • Uitbreiding A2 knooppunt Deil – ‘s-Hertogenbosch – knooppunt Vugh
  • A58 Tilburg (knooppunt de Baars) – Breda (knooppunt Sint Annabosch)
  • Spoorverbinding Eindhoven – Helmond en Breda – Eindhoven
  • Spoorverbinding van Breda met de Randstad/Rotterdam
  • Spoorverbinding Tilburg –’s-Hertogenbosch- Oss (IJssellijn)

 

Gemaakte afspraken
In de analyse van het Rijk wordt ervan uitgegaan dat alle plannen en projecten die in voorbereiding zijn ook daadwerkelijk worden uitgevoerd. Dat is voor de regio een belangrijk gegeven. Gemaakte afspraken over de aanpak van onder andere de A67, knooppunt Hooipolder en de realisatie van het Programma Hoogfrequent Spoor (PHS) moeten worden nagekomen. “Het is voor ons ondenkbaar dat aan die gemaakte afspraken wordt gemorreld. Zonder realisatie van die plannen is de verkeerschaos hier helemaal niet te overzien,” aldus van der Maat.

 

Programma bereikbaarheid steden
Los van deze concrete trajecten krijgt Brabant de komende jaren in toenemende mate te maken met een slechte bereikbaarheid van de grote en middelgrote steden. Dit vraagt om een concreet actieprogramma voor de stedelijke bereikbaarheid met maatregelen als het verbeteren van de aansluiting van regionaal OV, uitbreiding van fietsenstallingen en transfermogelijkheden bij stations en knooppunten. Van der Maat: “Het verbeteren van de bereikbaarheid via rijkswegen en spoor zijn belangrijk, maar dan sta je aan de rand van de stad alsnog in de file of kun je die laatste kilometer naar huis of je werk toch niet bereiken door een slechte aansluiting. Wij nemen graag de handschoen op om daar samen met andere stedelijke regio’s en het Rijk een actieprogramma voor op te stellen om te komen tot concrete maatregelen om die stedelijke bereikbaarheid te verbeteren.”

Toekomst van het fietsen in Brabant

Toekomst fietsen 1Begin juli 2017 vond in Tilburg de werksessie ‘Toekomst van het fietsen in Brabant 2030’ plaats. Vertegenwoordigers van overheden, gebruikers- en belangenorganisaties en andere stakeholders kwamen hiervoor samen in de inspirerende ruimte van het Duvelhok in Tilburg. Onderwerp van gesprek was de vraag hoe het fietsgebruik er uitziet in het Brabants mobiliteitslandschap in 2030-2035. Staan onze steden vol met deelfietsen? Rijden we allemaal met elektrische ondersteuning? Heeft elke bushalte een fietsdeelsysteem? Rijden er eindelijk geen vrachtauto’s meer in onze (historische) binnensteden? Moeten we alle infrastructuur gaan verbreden om fietsfiles op te lossen? Krijg je als fietser korting op je ziektekosten verzekering?

Lessen uit het verleden, vragen van nu 
De introductie bestond uit een presentatie van Angela van der Kloof (Mobycon) over de historische ontwikkelingen die Nederland vanaf einde 19e eeuw tot fietsland gemaakt hebben. Eén van de lessen uit het verleden is dat de focus in beleid op het creëren van veilige infrastructuur lag, maar dat de fietspaden in zichzelf niet zorgden voor het fietsgebruik; mensen fietsten al en er was vraag naar veilige en comfortabele routes. Zij schetste ook de onderwerpen die momenteel in binnen- en buitenland in de belangstelling staan:



  • de drukte op fietspaden in steden (in combinatie met verschillende snelheden en groeiende verschillen in voertuigen);
  • deelfiets systemen met en zonder ‘docking stations’;
  • city branding met fietsvoorzieningen; de inzet van marketing technieken en belevingselementen;
  • de acceleratie van de ‘fietsfamilie’ – een steeds verder uitbreidend aanbod van fietsen, bakfietsen en accessoires die het fietsen voor steeds meer doeleinden geschikt maakt. En ‘bikenomics’ - het beschikbaar komen van studies die aantonen dat investeringen in het fietsen de maatschappij geld besparen in plaats van geld kosten.


Trends vertalen naar scenario’sToekomst fietsen 2

In drie groepen werd vervolgens aan de hand van maatschappelijke trends gewerkt met mogelijke positieve en negatieve scenario’s voor de toekomst. Wat kunnen de deeleconomie en toename van smart technology betekenen voor de fiets? En wat doet de trend van de gezonde leefstijl, aandacht voor welzijn en steeds meer flexwerk? Wat brengt de verder gaande regionalisering ons? De antwoorden op die vragen staan niet vast, maar het werd duidelijk dat er een breed draagvlak is voor het gezamenlijk blijven optrekken van de aanwezige partners. Om in te blijven zetten op de huidige koers en een aantal goede ideeën gewoon te gaan uitvoeren. Daarnaast is er de wens om meer te gaan verbinden met terreinen waar de fiets een middel is om doelstellingen als gezondheid, sociale veerkracht en economische vitaliteit te realiseren.


Ambitie voor fietsbeleid

Met het uitvoeringsprogramma ‘Fiets in de Versnelling’ en de ‘Samenwerkingsagenda BrabantStad Fiets 2015-2018’ realiseert de provincie samen met haar partners een verbetering van de mogelijkheden voor de fiets, omdat het fietsen een sleutel is naar een betere bereikbaarheid van stad en platteland. Dit sluit aan bij Brabants’ ambitie om tot de Europese top van (industrie?le) kennis- en innovatieregio’s te behoren, waarin een samenhangend netwerk van elkaar aanvullende steden met een goed vestigings- en leefklimaat essentieel zijn.
De aanleg van een provinciaal snelfietsroute netwerk, marketing en communicatie die het gebruik van deze (en andere) routes stimuleert en de monitoring van het gebruik, zijn de provinciale speerpunten voor de fiets. Daarvoor wordt samengewerkt tussen overheden, gebruikersorganisaties, onderwijs en bedrijfsleven.

Toekomst fietsen 3456

Geïnteresseerde partijen kunnen meer informatie vinden op www.MobilitymoveZ.NL en hun interesse kenbaar maken door het belangstellingsformulier in te vullen en te versturen naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. . De officiële aankondiging is terug te vinden op de websites van TED en TenderNet.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Alleen pinnen in de bus

Bus 1Vanaf 1 oktober 2017 kunnen reizigers in alle reguliere Brabantse bussen met een OV-vervoersbewijs met pin, contactloos of creditcard betalen en vanaf 1 december 2017 is het niet meer mogelijk om met contant geld een kaartje in de bus te kopen. Met het verdwijnen van al het contant geld op de bussen, hopen de provincie en de vervoerders Arriva en Hermes de sociale veiligheid in het openbaar vervoer verder te verbeteren terwijl het tegelijk ook het reisgemak van de reizigers verhoogt. De provincie Noord-Brabant is de eerste provincie waar deze stap wordt genomen.

 

Aanleiding voor deze maatregel zijn de overvallen die in het voorjaar van 2016 plaatsvonden in enkele Brabantse bussen. Gedeputeerde Christophe van der Maat: “Dat is natuurlijk onacceptabel en de vervoerders hebben daarna met onze hulp meteen actie ondernomen. In het afgelopen jaar is met een pilot in Tilburg, Breda en ’s-Hertogenbosch al ervaring opgedaan met het pinnen in de bus en was er in de avonduren al geen contant geld meer in de bus aanwezig. Met die pilots is getest of de techniek voldoende betrouwbaar is en hebben we kunnen bekijken of de reizigers eraan kunnen wennen. De ervaringen bij de pilots waren uitstekend. Het pinnen kost niet meer tijd dan contant afrekenen en zowel de reizigers als de chauffeurs ervaren het als een prima oplossing. Daarom hebben we er in Brabant voor gekozen om versneld alle cash van de bussen te halen. Zo heeft het geen enkele zin meer om de buschauffeur voor een paar euro te beroven.”

 

Tijdelijk hoger tarief
Om de kosten te kunnen dekken om alle 822 Brabantse bussen van betaalapparatuur te voorzien, heeft het provinciebestuur besloten tot een tijdelijke verhoging van de OV-reistarieven vanaf 1 januari 2018. Het regionale kilometertarief wordt € 0,0023 duurder en de prijs van een ritkaartje en dalurendagkaartje wordt respectievelijk met € 0,15 en € 0,20 verhoogd. Om reizigers goed te informeren over het verdwijnen van contant geld in de bus, wordt een campagne gestart. Uiteraard geldt het verdwijnen van de contante betaling van een kaartje alleen voor de kaartjes die in de bus zelf gekocht worden. Op alle reguliere verkooppunten voor OV-bewijzen blijft contant betalen voor een buskaartje gewoon mogelijk. Daarnaast wordt het aantal verkooppunten uitgebreid met verkooppunten bij VVV’s en Primera’s in grote steden.

Binnenkort vind je op de website van Bravo.info een overzicht van alle verkooppunten.

MobilitymoveZ.NL start vooraanbesteding test- en ontwikkelomgeving


Afbeelding zelfrijdende autos1Het Ministerie van I&M, de Provincie Noord-Brabant, Rijkswaterstaat en de gemeenten Eindhoven, Tilburg en Helmond hebben een volgende stap gezet in het bevorderen van connected, coöperatief en geautomatiseerd rijden. Op de Nederlandse en internationale aanbestedingswebsites is een uitvraag onder de naam MobilitymoveZ.NL gepubliceerd.


Doel is om samen met nationale en internationale private partijen binnen de komende 4 jaar in de stedelijke omgeving Level 4 geautomatiseerd rijden (personen en goederenvervoer) te beproeven. Dit in de dagelijkse praktijk met reguliere consumenten en werkgevers. Daarbij gaat het dus niet alleen om techniek maar vooral ook om het gebruik en de impact daarvan op gebruikers, werkgevers, verkeersmanagers, lease- en verhuurmaatschappijen en andere direct belanghebbenden in de dagelijkse praktijk in en om de stad.


Gericht op een diversiteit aan private partijen

Naast de automatisering van voertuigen (geautomatiseerd rijden) en de onderlinge communicatie en data-uitwisseling (connected en coöperatief rijden) maken ook ‘on demand’ functies (MaaS - Mobility as a Service) en de benodigde voorzieningen voor zero emissie vervoer en transport deel uit van deze test- en ontwikkelomgeving. De vooraanbesteding richt zich op (R&D- en innovatieafdelingen van) automobielfabrikanten (OEM’s), aanbieders van MaaS-diensten, 1st Tier suppliers, ICT-bedrijven met een focus op en met capaciteiten in verkeer en mobiliteit, leasemaatschappijen, auto-importeurs of verzekeraars.


Overheid faciliteert randvoorwaarden

Voorzien wordt dat met de geïnteresseerde bedrijven afzonderlijke Onderzoek & Ontwikkelovereenkomsten worden afgesloten. De overheid biedt op haar beurt op basis van de praktijkbehoeften de nodige randvoorwaarden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan communicatievoorzieningen, ontheffingen en experimenteerruimte in wet- en regelgeving.


Marktdialoog en gedetailleerde beschrijvingen als volgende stappen

Na deze eerste uitnodiging aan geïnteresseerde bedrijven om hun belangstelling kenbaar te maken wordt in de volgende fase (september) de dialoog met hen aangegaan. Uitgedetailleerde beschrijvingen van de te beproeven functionaliteiten zijn dan de volgende stap. In het laatste kwartaal van 2017 kunnen naar verwachting de eerste overeenkomsten worden getekend. De komende tijd vinden onder de vlag van MobilitymoveZ.NL al een aantal tests plaats, vooruitlopend op de (inter)nationale respons op deze uitvraag en de brede start van de ontwikkel- en proefactiviteiten.

Pilot Nachtnet Bus stopt

Nachtnet 1Te weinig reizigers maken gebruik van het Late Nachtnet Bus op vrijdag- en zaterdagnacht om de nachtbussen op termijn zonder subsidie van overheden te kunnen laten rijden. Dat blijkt uit de tussentijdse evaluatie van de pilot. Op basis van die evaluatie hebben de provincie Noord-Brabant en deelnemende gemeenten besloten de pilot vervroegd stop te zetten.


Vanaf 1 juli 2017 rijden de nachtbussen niet meer in het weekend tussen 02.00 en 04.00 uur tussen Rotterdam – Dordrecht – Breda – Tilburg – Eindhoven en Utrecht – ’s-Hertogenbosch - Eindhoven. De lijn Tilburg – Waalwijk – ’s-Hertogenbosch trekt wel voldoende reizigers en is per 1 juli opgenomen in de reguliere dienstregeling van Arriva.

 


Pilot Late Nachtnet
De pilot Late Nachtnet met bussen ging op 19 december 2015 van start als alternatief voor het Nachtnet met treinen van de NS. Eerder hadden de provincie en de gemeenten Eindhoven, ’s-Hertogenbosch, Breda, Tilburg en Dordrecht al besloten dat voorzetting van Nachtnet met treinen vanwege de benodigde jaarlijkse subsidie van € 700.000,- niet haalbaar was. Op verzoek van Provinciale Staten en diverse gemeenteraden is gekeken naar een alternatief: de pilot Late Nachtnet met bussen. Sinds december 2015 rijden bussen van vervoerder Arriva op vrijdag- en zaterdagnacht tussen 02.00 en 04.00 uur op vier verschillende lijnen tussen de Randstad en de grote Brabantse steden. De busverbindingen sluiten daarbij direct aan op het Nachtnet van de NS die tot 02.00 uur naar Brabant rijden. Doel van de pilot was om binnen drie jaar een veilig, betrouwbaar en betaalbaar nachtelijk vervoer in het weekend per bus te realiseren voor reizigers.


Vervroegd stoppen
Gedeputeerde Christophe van der Maat: “Na 1,5 jaar blijkt dat het aantal reizigers achterblijft bij onze verwachtingen. Gedurende het eerste jaar maken op vrijdag 150 en op zaterdag zo’n 265 reizigers gebruik van de nachtbussen. Alleen met carnaval en tijdens een groot evenement als het concert van Guus Meeuwis in het PSV-stadion zien we een piek. Buiten deze bijzondere momenten blijven bussen grotendeels leeg. Dat betekent dat er maandelijks behoorlijk veel geld bij moet om de bussen in die nachtelijke uren te kunnen laten rijden. We zien ook geen aanwijzingen dat exploitatie zonder steun van de overheid op termijn wel mogelijk is. Dan moet je ondanks alle goede intenties concluderen dat deze dienst niet langer te verantwoorden is. We hebben daarom besloten om er vervroegd mee te stoppen. Dat is spijtig want we hebben samen flink in deze pilot geïnvesteerd om Brabant ook ‘s nachts bereikbaar te houden zodat je na een avond theater of uitgaan in de Randstad gewoon met het OV thuis kunt komen.”

Marktplaats voor logistieke diensten

Marktplaats voor logistieke diensten 
Onder het motto: “Geef je business een boost in Brabant! Bied je aan op de Marktplaats” is de Marktplaats voor Logistiek in Brabant opengesteld. Bedrijven die er van overtuigd zijn dat hun product of dienst kan zorgen voor minder vracht- en bestelverkeer in de spits, worden uitgenodigd om een voorstel in te dienen. In dat voorstel laten zij zien hoe hun product of dienst leidt tot een efficiëntere logistieke keten en daarmee tot spitsmijdingen. Lees meer over de Marktplaats voor Logistiek op de website van Logistiek in Brabant.

Programma Logistiek in Brabant
De Marktplaats voor Logistiek in Brabant is een van de actielijnen in het programma Logistiek in Brabant. Dit programma daagt vervoerders, verladers en andere bedrijven die hun logistieke bedrijfsvoering willen verbeteren uit om slimme oplossingen in de praktijk te brengen. Het programma faciliteert dit met kennis en middelen. Zo zorgen we samen voor efficiënter, duurzamer en innovatief vervoer. Op weg naar een beter bereikbaar Brabant.

Logistiek in Brabant is een initiatief van de gemeenten Tilburg, Breda, Eindhoven en Helmond, de provincie Noord-Brabant, TLN en evofenedex. Het maakt onderdeel uit van het programma Beter Benutten van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Beter Benutten werkt met een samenhangend pakket van maatregelen aan een betere bereikbaarheid in de drukste regio’s.

Illustratie logistiek1